Arasz Özbiliz mag zondag waarschijnlijk weer eens zijn opwachting maken in de basis van Ajax. "Die kans is wel aanwezig", lacht de buitenspeler in De Telegraaf.
Het geduld van Özbiliz lijkt te worden beloond, zo kon na de training van vrijdag voorzichtig worden geconcludeerd. "In de voorbereiding ging het uitstekend, maar daarna kreeg ik een vervelende blessure aan mijn rug", zegt de voetballer, die te lang met de kwetsuur doorliep. "Het was verstandiger geweest om de blessure te laten genezen. Ik wilde echter niet opgeven, was in vorm en zat dicht tegen de basis aan."
Özbiliz (21) bleef maar kwakkelen. "Daarbij kwam ook dat de lat veel hoger lag dan vorig seizoen. Als jonge gast mag je nog wel eens een steekje laten vallen. Nu ben ik er een jaar bij en wordt er terecht veel meer verwacht. De trainers zijn ook veel met me bezig, vinden dat ik meer diepgang moet hebben, voortdurend in beweging moet zijn en betere keuzes moet maken."
Tegen FC Utrecht staat er een zeer jong Ajax-elftal op het veld. Een bijzonder Ajax-elftal ook. "Als we Eyong Enoh (Ajax Cape Town, red.) meerekenen, hebben we tien spelers uit de eigen jeugd. Alleen Theo Janssen is hier niet opgeleid. Dat is leuk voor de statistieken, maar verder niet. Het gaat ook niet om het aantal zelf opgeleide spelers, maar om hoe goed ze zijn", aldus Özbiliz.